April (I): Pasen, verjaardagen & kiesweken

Vooraleer we echt starten met deze post, een korte uiteenzetting van zowel droeve dingen als heuglijke dingen begin april. Eerst het droeve nieuws: eind maart besloot Joke dat ze eventjes genoeg van mij had en verliet ze mij, voor haar mama! Hoe dat ging, lees je hier. Hoe ik me daarbij voelde, zie je hier:

Verdriet om Jokes vertrek

Verdriet om Jokes vertrek

Het heuglijke nieuws dan: Marlies, een medestudente die dit jaar niet in China zit, kwam me bezoeken in Suzhou. Ik liet haar enkele mooie tuinen zien (Lion Grove (met mooie bomen) en Humble Administrator) en nam haar mee naar lekkere restaurantjes. Het weer was ondertussen volledig naar zomerstand omgeschakeld, dus dat was perfect om de indruk te wekken dat het altijd zo’n weer was hier.

Mooie bomen

Mooie bomen

Het hoofdnieuws dan. In de vorige post werd al stilletjes aangekondigd dat ik het pas deze keer over Pasen zelf zou hebben en voilà, nu is het zover. Dit jaar heb ik Pasen niet gevierd met zoeken naar chocolade eieren in de tuin, maar wel op Tsjechische wijze. Dat houdt in dat we in het weekend voor paasmaandag takken zijn gaan verzamelen, die we nadien hebben gevlochten tot een pomlázka (zie prentje) – oké, toegegeven, Jan de Tsjechische kamergenoot heeft het meeste vlechtwerk gedaan, maar ik stond er niet enkel bij en keek ernaar – waarmee we op paasmaandag trokken naar de kamer van onze Tsjechische vriendin Micha. Die had de andere Tsjechische, Helena, en ook twee Chinese meisjes verzameld in haar kamer ‘s ochtends om ons daar te trakteren op een paasontbijt, met als beloning voor de inspanningen die we weldra zouden leveren mooie beschilderde eieren en sterke alcohol. Beloning voor wat, vraag je je wellicht af. Wel, Jan liet me een Tsjechisch versje vanbuiten leren:

Hody, hody, doprovody,
dejte vejce malovaný.
Nedáte-li, malovaný,
dejte aspoň bílý,
slepička vám snese jiný.
Ve stodole na seně,
tam nám bude vesele…

(Festijn, festijn, wij komen langs; geef ons een beschilderd ei; als je het niet geeft; geef dan een wit ei; de kip zal wel een ander voor je leggen; in de schuur tussen het hooi; zullen wij plezier beleven)

Dat versje moest ik opzeggen terwijl ik met mijn pomlázka de meisjes op hun achterwerk sloeg en hen zo zegende met schoonheid en jeugd. Nadien kreeg ik dus zoals gezegd een koningsmaal en alcohol. Na die toffe ochtendactiviteit trokken we naar de klas waar ik ook mijn leraressen heb ‘gezegend’ met deze Tsjechische verjongingskuur. Het heeft wonderwel gewerkt!

Hody hody

Hody hody

Beschilderde eieren

Beschilderde eieren

Twee dagen later was het tijd voor Katrins verjaardag. Die hebben we doorgebracht in een Japans restaurant dat à volonté was voor de (naar Europese normen) erg schappelijke prijs van 15 euro. Het was echt wel superlekker. Katrin leek ook blij met de reuzachtige schildpadknuffel en het kattenvoer van Whiskas (ze geeft graag katten eten hier op de campus) dat Jan en ik hadden gegeven.

Katrin, Sautta en Shengli

Katrin, Sautta en Shengli

Daarna was het alweer verlof hier in China. Voor de Chinezen betekent 5 april Qingming jie 清明节 (Tomb sweeping festival) en de vakantie errond, maar voor mij betekent 5 april maar één ding: VERJAREN! Op de eigenlijke Qingmingjie (uitzonderlijk 4 april dit jaar) hebben we daarom een daguitstap naar Wuzhen 乌镇 gedaan. Wuzhen staat bekend – of maakt toch op die manier reclame voor zichzelf – als het oudste, nog intacta waterdorp in China. Het was prijzig om binnen te geraken in het mooie gebied, omdat er geen studentenkorting gold, maar vooral het westelijk deel was het echt wel waard. Ik denk dat ik nog nooit zo’n pittoresk waterdorp heb gezien. Het viel me ook op dat daar dus nog echt mensen in wonen! Ik hoop dat die niet elke dag een toegangsticket moeten aanschaffen…

Wuzhen landschap

Wuzhen landschap

Het was al duidelijk dat we voor die dag niet al te veel tijd hadden omdat we ca. 16 uur een bus terug naar huis op moesten. Die hebben we niet gehaald, want alle Chinezen in Wuzhen – het was daar vanwege Qingmingjie echt over de koppen lopen – hadden net dan besloten om allemaal tegelijkertijd op de  baan te komen, wat zorgde voor een gigantische file, van hier tot in Tokyo. We stapten dan maar uit de bus en konden mee met een oude man op een soort driewielermotor met achteraan een bak. Vier buitenlanders (Jan, Helena, Katrin en ik) die vervoerd werden in een tijdelijke taxi, er is niets dat de Chinezen komischer vonden en dus waren we dé sterren van het moment in Wuzhen. De bus hebben we uiteindelijk gemist, maar ik kon er gelukkig voor zorgen dat we toch nog een bus later konden boeken.

Een dag later was het zover: ik mocht mijn 22ste kaarsje uitblazen. De dag zelf zijn we (op aanraden van Joke, die nog eens een appearance maakte) nog eens naar Tiger Hill getrokken, dat voor de gelegenheid helemaal ingekleed was in lentesfeer, met meisjes die op oude Chinese instrumenten tokkelden. De pagode stond er nog steeds (scheef). Waar ik wel van versteld stond, zijn de twee boeddhabeelden die we zagen geconstrueerd worden. Dat gebeurt met grote blokken klei die ze aan elkaar hameren en nadien met andere werktuigen modelleren tot een boeddha.

Voor de rode letters van Tiger Hill

Voor de rode letters van Tiger Hill

‘s Avonds zijn we lekker gaan eten in een van mijn favoriete restaurantjes: Yang Yang! Ik kreeg er fantastische cadeautjes, waaronder: tassen, een waaier, boeken, Belgische pralines (!), een T-shirt, een bokken… Het was echt geweldig. Toppunt was misschien wel de spullen waarmee ik een soort hemelbed/prinsessenbed kon maken + bijhorende accessoires. Onder deze foto’s leg ik uit hoe dat komt.

Cadeautjes!

Cadeautjes!

De scepter, afgebeeld hierboven, heeft te maken met het feit dat ik ben opgekomen als nieuwe preses van Eoos volgend academiejaar. De verkiezingen zijn wonderwel verlopen, dankzij een goede kiesploeg en goede plaatselijke begeleiders. Bij dezen dus nogmaals: bedankt iedereen die activiteiten heeft bezocht en meegeholpen heeft! En met dit heuglijk nieuws sluit ik deze post af! Hoera voor Thomastodont!!

poster

Paasupdate!

Gelukkige derde paasdag! Voor een verslagje van hoe mijn Pasen was, moet je nog wachten tot volgende keer, maar hieronder is een overzicht van de voorbije zes à zeven weken.

Uitkijkend

Uitkijkend

De vorige nieuwsbrief deelde mee dat ik vertrokken was in Hong Kong. Gelukkig zijn we veilig aangekomen in Shanghai, waar het tot onze grote verbazing veel kouder was. Wat we daar deden? Joke verwachtte haar zus en ik besloot om zo gul te zijn om met haar te wachten. Hoe het spannende verhaal van deze twee zussen in in Suzhou verliep, kan je op Jokes blog lezen. Nadien vernam ik trouwens dat mijn gulheid echt geapprecieerd werd en dat Leen, de zus van Joke, vond dat “ik echt lief geweest was”, gevolgd door een verbaasde blik op mijn gezicht, omdat ik dacht dat ik altijd lief was, maar niet dus blijkbaar :p

Maar enfin, we kwamen aan in Suzhou op 9 februari, de vooravond van Chinees nieuwjaar en ik besloot om nog snel naar de supermarkt te gaan. Ik kwam er aan de buitenkant een klasgenoot tegen die me wist te vertellen dat de supermarkt om 18 uur sloot en het was toen kwart voor vijf en dat ze al een kwartier niemand meer binnenlieten. Ik dacht vervolgens bij mezelf om het spreekwoord “met alle Chinezen, maar niet met den dezen” eens uit te testen en inderdaad, na uitvoerig smeken – ja, ik weet hoe je op een zeer erge manier kan smeken in het Chinees, want ik heb dat in één van mijn Chinese drama’s geleerd – mocht ik toch wel niet binnen zeker?!

Chinees nieuwjaar heb ik niet op bezoek bij Chinezen zelf geleerd, zoals veel andere klasgenoten hier in China, maar op een manier waar ik eigenlijk wel naar smachtte voor andere feestdagen zoals nieuwjaar: tv-kijkend in mijn bed met snacks! We weten ondertussen dat Céline Dion het een eer vindt om in China op te treden en dat ze ‘jasmijn’ in het Chinees kan zeggen en zingen. Later die avond barstte de hel los – vuurwerk overal, verschillende uren non-stop. Mooi om te zien, maar na een uur kijken heb je daar eigenlijk wel genoeg van gezien.

De rest van de wintervakantie verliep rustig. Ik kon bijslapen (lees: lekker luieren) in de namiddagen en eigenlijk gewoon mijn goesting doen, vakantie in de puurste betekenis van het woord. Behalve natuurlijk die ene nacht (19 februari) dat het om vier uur ‘s ochtends keihard bliksemde en een boom op nog geen tien meter voor mijn kot geraakt werd en de volgende ochtend alles sneeuwwit zag – ik zeg sneeuwwit omdat er plots sneeuw lag – en de boom gespleten was.

Gebroken boom

Gebroken boom

Dat was ook de periode dat ik een roommate kreeg: Jan uit Tsjechië. Met alle exotische namen die ik hier al gehoord heb, was ik stomverbaasd dat ik de normaalste naam van België hier bij mij in de kamer kreeg. Zdenek Stybar kende hij niet (ook niet toen ik dat ‘juist’ probeerde uit te spreken), maar verder is hij echt wel een mr. nice guy. Hij heeft trouwens ook een blog!

Enkele dagen later zijn we naar de Confuciustempel in Suzhou geweest en de Canglangtuin. Ik had verwacht dat de Confuciustempel (fuzi miao 夫子庙) meer indruk ging maken dan dat hij deed. Het was meer een gebouw, waar ooit Confucius vereerd werd en dat nu een beetje vervallen was en eigenlijk vooral dienstdeed als rommelmarkt. Spijtig, spijtig…

Thomas en Confucius

Thomas en Confucius

De Canglang tuin (canglang ting 沧浪亭) anderzijds was wel de moeite. De lente deed zijn best om door te breken, wat hier en daar voor bloesem zorgde – op het moment van schrijven is het bijna zover dat OVERAL bloesem is, dus we doen ons best om voor prentjes te zorgen. Speciaal kenmerk van deze tuin: één buitenmuur is vervangen door een waterpartij (gracht/meertje), waardoor de makers van de tuin de illusie wilden wekken dat de tuin voor eeuwig doorliep en niet enkel een oase van rust en schoonheid in de stad is. Redelijk geslaagd, zou ik zo zeggen.

Intrede van de lente

Intrede van de lente

Daarna begon het tweede semester, waar ik nu al vijf weken les heb gehad. Ik zit in het vijfde niveau. Lezers met een goed geheugen zullen nog wel weten dat ik in het begin mocht kiezen tussen vier en vijf, en toen voor vier heb gekozen. Wel, ik ben nog steeds blij met die keuze, want er is gewoon geen zesde niveau, omwille van de weinig mensen! Dus eigenlijk zit ik toch nog in het hoogste niveau. De mensen komen grotendeels ook uit mijn klas van vorig semester + de andere klas + enkele ‘blijvers’. De lessen zijn nog steeds vrij leuk, onze docente van Chinees, Yang Hui 杨慧, en die van kijken-luisteren (maar niet meer spreken), Han Rong 韩蓉, geven ons nog altijd les, aangevuld met een spreeklerares die mijns inziens misschien beter bij haar leest had kunnen blijven, want ze interpreteert het vak ‘spreken’ vooral als spreekoefening voor zichzelf…

Ik volg dit semester ook nog een filmles, waarin we films kijken en de les erna bespreken (maar daar ga ik niet naartoe :D ) en een les ‘lezen op gevorderd niveau’. Dat laatste doe ik vooral omdat ik eind april mee ga doen aan HSK (Hanyu shuiping kaoshi 汉语水平考试). Mijn vorige succesvolle deelname dateert al van 2010, toen ik voor niveau 3 slaagde. Na drie jaar moet 5 dan geen probleem zijn zeker, ware het niet dat het minstens 4 keer zoveel woordjes zijn en ik dus nog wel wat moet studeren ervoor :p

Wat hield me nog bezig de afgelopen weken? Wel, we (= Tsjechische Micha, Jan en Helena en Belgische Joke en Thomas) zijn naar Mudu 木渎 geweest, een waterdorpje dat dus gewoonweg met de metrolijn (die ene die we hebben) bereikbaar is en leeft van het toerisme die er oud uitziende gebouwen met zich meebrengen (inclusief optie om foto’s te laten trekken in Qing-dynastiekleren). We hebben daar enkele tuinen gedaan en wat sfeerfoto’s getrokken. Ik wil er nog eens teruggaan, want er was een berg daar – voor Belgen is alles wat een beetje boven de horizon uitkomt een berg – en die wil ik ook nog beklimmen! Tijd voor sfeerfoto’s, want een beeld zegt meer dan duizend woorden, (waar we er achtenvijftig boven zitten!)

Gracht

Gracht

Hong Kong, Geurige (thuis)haven!

Eindelijk is het zover, ik kan over Hong Kong schrijven! Wie mijn vorige post gelezen heeft, proficiat. Wie dat niet gedaan heeft, heeft nu de kans van zijn leven. De geïnformeerden weten dus ook dat ik een dik uur had op de metro vooraleer ik Joke zou ontmoeten in Hongqiao, een luchthaven van Shanghai. Onze vlucht naar Shanghai vertrok rond de middag (op 2 februari) en ik had er zin in!

In Hong Kong, de “Geurige Haven” (Xianggang 香港), werden we opgewacht op de luchthaven – oké, we werden niet echt opgewacht, maar wel gevonden na zo’n tien minuten van “verdwalertje spelen” – door niemand minder dan onze vriendinnen Lai Man en Yoana! Lai Man, een Belgische met Hong Kongse roots, had een octopuskaart geregeld voor ons, waarmee je op zowat alle mogelijke manieren die mijn voeten te boven gingen kon verplaatsen in Hong Kong. We namen dus de metro naar ons hotel en ook de tram, wat ginder lightrail heet. Daarna bleek dat we niet veel tijd hadden, want we werden zowaar verwacht op een barbecue bij Lai Mans familie!
(Tussen haakjes: hieronder is het beeld dat iedereen heeft van Hong Kong: druk, druk, druk; veel verkeer… maar dat is niet waar, haha!)

Dubbeldekkertrams

Dubbeldekkertrams

Ik denk dat al vanaf de eerste avond bleek dat ons reisje niet meer kapot kon, want de familie was echt supergastvrij. Ik heb geleerd dat je op alles honing moet smeren om het lekkerder te maken – hoera, een zoete keuken. Het was soms even sukkelen met te ontwaren hoe de familierelatie nu juist in elkaar zit, want zeg niet gewoon nicht tegen een aangetrouwde achternicht van het vierzeventigste knoopgat. Oké, zo ingewikkeld was het ook niet, maar toch… familievocabulaire blijft moeilijk in het Chinees. Ook bleek dat ze gelukkig wel wat Mandarijn konden spreken daar, wat me toch wel wat gerust stelde over mijn plantrekkerij.

BBQ!

BBQ!

Yoana, die er al enkele dagen voor ons was, had al heel wat bezocht en dus besloten we om dag twee een uitstap te doen naar iets wat nieuw was voor ons allemaal. Onze gedachten vielen op een vissersdorpje dat de naam Tai-O had. Ook Lai Mans broer, Po Wing, vergezelde ons. Tai-O was wel tof, we hebben bootje gevaren en in een vrij authentiek toeristisch restaurantje gegeten, waar Po Wing ons vakkundig toonde hoe je stokjes en eetgerei moet wassen met warm water alvorens ervan te eten; in Suzhou doe ik dat eigenlijk nooit, want dat is altijd in plastic ingepakt.

Leuke transportweetjes: het woord voor ‘bus’ in het Kantonees is niet gonggongqiche (‘gemeenschappelijk voertuig’ 公共汽车), maar wel bashi 巴士; zo is ‘taxi’ niet chuzuche (‘uithuurauto’ 出租车), maar wel dishi 的士. Dit heeft natuurlijk te maken met de ca. 150-jarige Britse overheersing. Er volgen nog wel meer parallellen met Groot-Brittannië.

Family pic

Family pic

‘s Avonds zijn we dan gaan eten bij een ander familielid van Lai Man, echt wel de moeite waard! Bovendien woonden ze vlak tegenover ons hotel, dus dat kwam wel handig uit. De vader kon echt supergoed koken en had echt een heus diner voorbereid. Bovendien waren ze allemaal echt bijzonder sympathiek.

Familie-etentje

Familie-etentje

Dag drie, Lai Man liet ons met yamcha (geen idee hoe je dat eigenlijk schrijft) kennismaken – een soort cakejes en hapjes ontbijt. De delicatessen werden zorgvuldig door haar uitgekozen, met als hoogtepunt een eiertaartje gemaakt met vogelspeeksel, echt een ware delicatesse volgens Lai Man. Joke en ik waren er niet zo dol op…

Later die dag besloten we om de Grote Boeddha (tiantan da fo 天坛大佛) te bezoeken, een ‘klein’ boeddhaatje van zo’n 25 m hoog. We namen het openbaar vervoer (en niet de kabelbaan :( . Ach ja, je moet ook iets hebben om naar uit te kijken bij terugkomst). De Boeddha verwelkomt sinds 1993 devote boeddhisten en geïnteresseerde toeristen. Aldus gingen ook wij een kijkje nemen en betaalden ook ineens het museumticket waarvoor je de relikwieën mocht bekijken, een drankje kreeg en nadien ook een ijsje mocht opeten. Triple win!

Big buddha!

Big buddha!

Na ons bezoek aan Mr. Big Buddha keerden we terug naar het centrum, waar we de Peak Tram namen naar – je raadt het nooit – de piek boven Hong Kong (Victoria Peak, nvdr), met een fantastisch uitzicht op de skyline van Hong Kong. De Peak Tram is een overblijsel van de Britse periode en neemt klimmers al zo’n eeuw met zich mee naar boven. Het was duwen en trekken, wachten en wachten en ten slotte konden we er ook in! Na een mooi uitzicht daalden we af via de snoepwinkel met westers snoep. Vervolgens begaven we ons naar de naar de Star Ferry, de typische manier van water oversteken daar, ook te betalen met de octopuskaart en kwamen we aan op de Avenue of Stars, nabij Tsim Sha Tsui! Dat is eigenlijk de “Walk of Fame”, gewijd aan de Hong Kongse cinema. Na die avond weten we dat mijn handen kleiner zijn dan die van Jackie Chan :(

Thomas Lee

Thomas Lee

De dag erna namen we afscheid van Yoana (met luxeontbijt in het hotel, merci Lai Man!) en daarna nam Lai Man ons mee naar de Sik Sik Yuen Wong Tai Sin Tempel om geluk voor haar nichtje af te smeken van de taoïstische godheden. Het was echt wel mooi en ik ben blij dat ze ons daar mee naartoe nam, zeker toen bleek dat ze er nog niet was geweest met Yoana of Tessa – die er de week voorheen was geweest. Mocht je je ooit in die tempel bevinden zonder offerspullen, weest dan niet getreurd, er zijn genoeg kraampjes die die dingen verkopen, zowel in als buiten de tempel.

In de namiddag kregen we een andere unieke gelegenheid: Lai Man leidde ons naar de grootste nieuwjaarsmarkt (Chinees nieuwjaar zat er aan te komen) EVER en kocht er enkele slangen bij de King of Snakes - zij was van het jaar van de Slang. Vrijwel alles wat je nodig kan hebben om nieuwjaar te vieren, kan je daar vinden. De markt is er slechts enkel rond die periode; de rest van het jaar is het een gewoon plein, met een standbeeld van koningin Victoria.

Bidden in de tempel

Bidden in de tempel

Op 6 februari kregen we van Lai Man een dagje alleen cadeau om de stad zelf te verkennen. Ik had dan voor ons tweeën gepland dat we naar het Hong Kong Museum of History gingen gaan. Op die dag was dat bovendien gratis, behalve voor de buitengewoon goede expositie over Mesopotamië – de vriendjes van Oude Nabij Oosten in Leuven eventjes steunen -, gemaakt met gerief dat ze uit het archief van het British Museum hadden gehaald. Interessant was ook de interactieve kleurplaten, waar Joke zich mee bezigde terwijl ik even de toiletzaal bezocht.

De tentoonstelling over de geschiedenis van Hong Kong erna was eigenlijk echt wel supergoed en ik heb zelden zo’n goed museum bezocht. Er was film, je mocht foto’s trekken – enfin, ik deed dat toch – en véél materiaal. Echt heel interessant werd het pas vanaf we in de negentiende eeuw aankwamen, met de opiumoorlog (met Lin Zexu) en de ‘Ongelijke Verdagen’ tot gevolg. Daarna kwamen we in Britse overheersing, Japanse overheersing, Britse overheersing en ten slotte in de ‘Hereniging’ met Mainland China in de jaren ’90. Het is vreemd als ik bedenk dat die dingen pas gebeurd zijn nadat ik geboren ben, want normaal heb je bij geschiedenis het idee dat zich dat in een galaxy far far away afspeelt…

Team Suzhou neemt de tram

Team Suzhou neemt de tram

Na het bezoek aan dat echt wel goeie museum begaven we ons onder telefonische gidsbegeleiding van Lai Man naar de Man Mo Tempel 文武庙, volgens mijn Lonely Planet de beste tempel in Hong Kong. Tevens ook de enige tempel waar Tessa (en ik denk Yoana) naartoe zijn geweest. Wel, ik kan je vertellen dat ze in het zak zijn gezet. Niet alleen was de tempel moeilijk te vinden – wij liepen denk ik steeds nét naast de richtingsborden -, maar daarenboven stonk het er naar te veel wierook (“trop is te veel”) en was je er op één, twee, drie terug buiten.

Een beetje teleurgesteld begaven we ons dan maar te voet richting Avenue of the Stars, waar we enkele dagen voorheen al geweest waren met Yoana (cf. supra). Die eerste keer was dat eigenlijk om een lasershow te zien, maar die hadden we toen gemist. Joke en ik kregen dus een herkansing, maar moesten eerst nog langs enkele belangrijke tussenstops.

Als eerste gingen we langs de Bruce Lee Fanclub, volgens mijn reisgids een museumpje dat ook spullen van hem verkocht. Wel, de fameuze Bruce Lee Fanclub was gevestigd in het grootste rommelkot dat ik ooit gezien heb – echt, als je ooit een bepaald legomannetje of figuurtje van Dragonball mist, dan kan je daar terecht. De mevrouw was ook totaal niet vriendelijk en ik mocht niks aanraken dat den Bruce himself had gehandtekend. Ik heb ze maar moreel gesteund en voor 30 eurocent twee fotootjes gekocht.

Op naar de volgende attractie: restaurant + Temple Street Night Market. Dat was gelukkig wel een goed plan, want ik heb er een zak gekocht en ook keicoole Chinese dingen mogen passen van een mevrouw van wie ik niet wou kopen. Lai Man wist ons achteraf te vertellen dat ze zich ongerust maakte dat we ons in zo’n gevaarlijke buurt hadden bevonden, mais on sait tirer son plan!

Daarna terug op Avenue of the Stars, waar we dus uitzinnig uitkeken naar de fameuze lasershow. Helaas was er niet veel te zien en was het eigenlijk twee keer niks. We hadden ons voorgenomen om het op te nemen voor Yoana, maar tja, als de lichtjes niet meewerken… Ik denk dat Joke nu met een filmpje van twintig minuten op haar fototoestel zit met enkel wat lichtjes aan de rivier op…

Temple Street Night Market

Temple Street Night Market

Na onze uitstap gingen we terug naar het hotel voor avondeten. In ons hoofd zinderde “My heart goes shalalala in the morning” nog na, want dat is daar op de dijk een hit, niet normaal! Daarna heb ik de geweldige sauna van ons hotel ontdekt! Ik had wel nog maar een kwartier tijd voor die sloot, maar het was het waard, want ik ben er de komende twee dagen nog drie keer teruggekeerd en heb er zelfs een sms-vriend aan overgehouden, haha.

De voorlaatste dag zijn we met Lai Man eerst op wandeltocht gegaan langs het financiële centrum van Hong Kong, zeer interessant, want wij met ons toeristenplunje vielen daar totaal, maar dan ook totaal, uit de modieuze stijlboot. We zijn in het gebouw van de Bank of China geweest, waar wij onze paspoort moesten laten zien, een soort account hebben laten aanmaken en vervolgens naar het 43ste verdiep zijn opgestegen. Daar werden we getrakteerd op een wondermooi uitzicht over Hong Kong, van binnenin Hong Kong (t.o.v. de Peak die vanop afstand kijkt). Daarna ging de wandeltocht verder naar de HSBC, waar we fotomodel hebben gespeeld met de twee iconische leeuwen Stephen en Stitt, die er al minstens langer staan dan de Japanse overheersing, want toen gebruikten ze die als schietdoelwit; je kan de kogelgaten nog zien. Achter de HSBC staat trouwens een wolkenkrabber die echt de wolken krabt, wel tof om eens een toren van Babel in het echt te zien.

Wolkenkrabber

Wolkenkrabber

Daarna begaven we ons naar het Hong Kong Park, echt een stukje (artificiële) groene long in Hong Kong, compleet met waterval en volière. Het was mooi en leuk dat we de naam Jacques Rogge tegenkwamen op iets van de Olympische Spelen. Er was ook een theemuseum met een een wel erg leuke meevallende verrassing als gevolg, maar ik ben gebonden aan zwijgplicht.

Erna nam Lai Man afscheid van ons om inkopen te gaan doen voor haar nichtje – wat we wel begrepen, Hong Kong is immers niet alleen om ons te zien, maar ook haar familie te bezoeken en dingen te regelen, maar toch vonden we het jammer. We namen dus afscheid van haar en gingen naar de laatste topattractie uit mijn reisgids: het boeddhistische Chi Lin Klooster, nabij een metrohalte genaamd Diamond Hill – dat voorspelde alvast veel goeds!

We stapten daar uit en aten McDonald’s in het winkelcentrum waar de metrohalte uitkwam – de prijzen zijn hetzelfde als in Suzhou – en daarna begaven we ons naar het klooster, volgens mij het best bewaarde geheim van Hong Kong. Echt waar, het was alsof we in een soort oase van boeddhistische rust kwamen, een klooster dat er authentiek uitzag (maar eigenlijk vrij nieuw was), gelegen tussen de bergen (met bergnevels) en zonder veel verkeerslawaai op de achtergrond.

Dé grote trekpleister is echter de tuin die er tegenover ligt, en die wel erg hard op het Westelijk Paradijs van Amitabha lijkt, compleet met zenachtige rotstuinen en een gouden paviljoen met een erbij vloekende knaloranje brug (onze noorderburen zouden in hun vuistje lachen). Joke en ik besloten unaniem dat dat het mooiste was van alles wat we in Hong Kong hadden gezien.

Westelijk Paradijs

Westelijk Paradijs

En dat was het zowat voor onze Hong Kong reis. Ik was echt enorm blij om Lai Man terug te zien en natuurlijk ook Yoana, maar dat was natuurlijk minder lang geleden. En je merkt eigenlijk echt wel dat Hong Kong niet Volksrepubliek China is; zeg dus ook nooit zomaar ‘Chinees’ tegen een Hong Konger (ja, Hong Konger is de officiële naam voor een inwoner van Hong Kong; nee, ik kon het ook niet geloven). Hong Kong is veel westerser, het wemelt er van de buitenlanders, maar ook de Hong Kongers zelf zien er anders uit dan Chinezen, netter, groter… Kantonees is eigenlijk onbegrijpbaar als je het hoort, maar geschreven kan je je met Mandarijn Chinees eigenlijk bijna overal perfect redden. En het is eigenlijk de eerste keer dit jaar op een reisje dat ik achteraf tegen mezelf zeg: “Hier moet ik zeker nog eens terugkomen.” Vaak heb je immers het gevoel dat het mooi is, maar ik ben nu op Hainan geweest en hoef daar niet direct per se terug naartoe, maar Hong Kong is anders. Was het de gastvrijheid van Lai Man en haar familie of gewoon de stad, die buitengewoon groen is (zo’n 60% van Hong Kong bestaat uit natuur en bergen – ja er zijn bergen in Hong Kong!). Ik weet het niet, ik weet gewoon dat ik er veel aan heb gehad en nadien met wat weemoed (wellicht het afscheid aan Lai Man en haar broer, die ons vrijwel op de vlieger terug heeft gezet).

Met mijn hand op het hart kan ik zeggen: Geurige Haven, tot ziens!

Vlag Hong Kong en China

Vlag Hong Kong en China

Thomas en Lai Man

Thomas en Lai Man

De Belgische delegatie

Amper vier dagen na het vorige avontuur in Hainan verwachtte ik hoog bezoek: een delegatie uit België, bestaande uit ons mama en Yort! Ik had een hele planning uitgestippeld in die vier dagen dat ik terug was in Suzhou (daarnaast heb ik ook mijn Augiasstal uitgemest, keeping up appearances :p ).

Het was dus op een koude zaterdagochtend dat ik de bus nam naar Pudong, de internationale luchthaven van Shanghai. Jawel, je leest het goed, er is een buslijn rechtstreeks naar Pudong! Na een busrit zo’n tweeënhalf uur kwam ik aan en schoot lichte paniek me te binnen, want het vliegtuig was al tien minuten geland. Niet getreurd, ik kon nog steeds netjes een kwartier op mijn gasten wachten. Uit de gate kwam Yort als eerste over de “eindmeet” heen, waardoor ik verwonderd was – waar was mijn mama? – en ook tegelijkertijd ontzettend blij. Mama had een lichte vertraging van zo’n halve minuut, maar kwam gelukkig ook goed bij mij terecht. Het weerzien was waarlijk geweldig!

We namen de bus terug en dan nog een andere bus en dan Yort inchecken in mijn hotelkotkamer en dan mama inchecken in My Hotel (de naam van haar hotel) en vervolgens toerist spelen. Ik had besloten om ze als eerste Shantangjie te laten zien. Trouwe lezers weten ondertussen al dat dit een pittoresk straatje is dat het oude Suzhou zou moeten weerspiegelen. Door de Starbucks bij de ingang valt er wel wat aan die ouderdom te twijfelen, maar ze vonden het in ieder geval prachtig (en ik ook). Na deze mooie attractie konden we met z’n drieën genieten van het beste restaurant dat ik hier in de buurt ken – Yangyang 洋洋. Voor wie zich ooit in Suzhou bevindt, het is te herkennen aan het grote bord “Recommend by Lonely Planet“, tevens mijn favoriete reisgids.

De Slang van Shantangjie

De Slang van Shantangjie

De volgende ochtend had ik een pittige wandeling voorzien naar de mooiste plekjes in Suzhou. We vertrokken vanuit My Hotel naar de hoofdcampus van mijn universiteit (= de straat oversteken), gevolgd door Pingjianglu (een levendig straatje naast een riviertje) en daarna twee tuinen: de Lion Grove Garden (shizi lin 狮子林 ‘Bos van Leeuwen’) en de Humble Administrator’s Garden (zhuozheng yuan 拙政园 ‘Tuin van de Nederige Bestuurder’). De Shizi lin was veruit de mooiste, met talrijke rotsformaties die leeuwen moesten voorstellen (en daar soms, met een beetje fantasie, inderdaad nog wel op leken). Blijkbaar maken ze die rotsen door die in het Taihu-meer 太湖 (voor sinologen: dit is een pleonasme à la Yuyuan-garden 豫园) te leggen. De Humble Administrator was anderzijds compleet verschillend: dit is de grootste onder de tuinen in Suzhou en is eigenlijk een park op zichzelf met zigzaggende weggetjes over een vijver. Het heeft ook wel iets. Daarna ontdekte ik dat het gratis Suzhou Museum naast de Zhuozheng yuan ligt en dus gingen we daar ook even een kijkje nemen. De architectuur van het gebouw vond ik interessanter dan de collecties, maar ik wil er nog wel eens terugkeren om alles onder de loep te nemen. Het avondeten dat ik gepland had was samen met Joke hotpot (huoguo 火锅) te gaan eten in onze favoriete hotpotplaats. Het was lekker!

Zhuozhengyuan

Zhuozhengyuan

De dag erna zijn we naar Oushang (Auchan) gegaan om daar donuts te eten bij Dunkin’ Donuts en daarna naar de boekenwinkel van Guangqianjie zijn geweest. De Belgische delegatie leek er haar ding niet te vinden en dus hebben er maar ene gepakt in de Starbucks als troost. De avond stond niet in het teken van België, maar van Japan: mijn klasgenoot en vriend Youmi had die avond het door ons geplande afscheidsetentje in Yangyang (het restaurant van de eerste dag). Nu ik dit schrijf, is het nieuwe semester al begonnen, en ik mis hem wel een beetje soms in de klas…

Youmi en ik

Youmi en ik

De volgende dag was het alweer de laatste dag in Suzhou. Om dat te vieren (?) hebben we de Master of Nets Garden (wang shi yuan 网师园) bezocht, die eigenlijk echt superdicht bij mijn universiteit ligt. Ik denk dat dit de kleinste tuin is in Suzhou en dat zorgde dus ook wel voor een mooi contrast met de andere twee. De tuinen die we bezocht hebben zijn alledrie typisch maar toch ook compleet anders. Erna was het tijd om naar Shanghai te vertrekken, waar we aankwamen in een echt luxehotel voor een normale prijs. We hebben die avond superlekkere pizza gegeten.

Nog een dag later hebben we het gratis Shanghai Museum bezocht. Ik denk dat de delegatie het meest onder de indruk was van de etnische maskers. Daarna staken we de drukke straat over onder naar de Planning Hall, wat ze ook wel tof vonden. ‘s Middags lunchten we zowaar in een nogal verborgen Fritkot!! In de namiddag op de vroegere hippodroom die nu People’s Square heet, zijn we gewandeld naar de Bund. Na die escapade zijn we de naar de nieuwere overkant gegaan via de veel-te-duur-voor-wat-het-isse Bund Sightseeing Tunnel en zijn we gaan eten in een restaurant dat in mijn Lonely Planet stond.

Fritkot!!

Fritkot!!

De laatste dag van januari was het tijd voor wat moderne kunst in het MOCA (Museum of Contemporary Art) van Shanghai. Ik ben vergeten welke twee artiesten er hun werk tentoon stelden, maar ik vond het wel interessant om eens Chinese moderne kunst te zien. En in tegenstelling met de moderne kunst, was het in de namiddag tijd voor de Yuyuan-garden 豫园 (cf. supra). Deze tuin had ik al eens bezocht in september, maar ook nu was hij nog steeds even indrukwekkend, vooral met de nieuwjaarsversieringen. Onderweg naar de Yuyuan hebben we ook nog de Confuciustempel bezocht, waar we een soort theeceremonie hebben gedaan (zonder aankoopverplichting). Eigenlijk hebben we die dag een wandeling die ik had uitgestippeld voor augustus omgekeerd afgewandeld.

Portret of Mao

Portret of Mao

Onze laatste volledige dag hebben we gespendeerd aan eerst zoeken (zonder resultaat) naar het wereldexpogebouw van China. Ik weet eigenlijk echt niet welke halte dat je daarvoor moet afstappen… Daarna nog een tempel waar we een Amerikaanse toeriste al het offergeld bijeen hebben zien rapen en in haar handtas zien stoppen. Van heiligschennis gesproken! En we hebben die dag twee keer goed op Xintiandi gegeten: één keer Chinees en één keer nog eens de pizzeria van de eerste dag.

Skyline van Shanghai

Skyline van Shanghai

De dag erna kwam het trieste moment eraan. Na de prelude waarin we uitcheckten in (of eerder uit) het hotel, bevonden we ons in onze metrohalte. We namen de metro naar People’s Square waar we moesten overstappen op lijn 2, die de twee luchthavens verbindt. Twee luchthavens? Ja, want Yort en mama gingen naar Pudong en ik ging naar Hongqiao. Het was bijna zo’n moment van op tv, waarin de metro’s aan weerszijden beide juist aankomen en er nog slechts tijd is voor een dikke knuffel en een “ik ga u missen”, waarna de twee partijen zich elk begeven naar hun metro en het afscheid gedaan is. Ik had eigenlijk meer moeite met deze keer vaarwel dan in het begin – paradoxaal, want het is nog maar een half  jaar… Wellicht is dat het besef van wat er nog te wachten staat eindelijk in China aangekomen. Misschien gaat het lichaam wel met het vliegtuig en reist de ziel te paard, zoals voorgesteld in Het Stenen Bruidsbed van Harry Mulisch (lees het niet; en ook: het gefluister is groen!).

Ach ja, ik had een dik uur om te rouwen, want al gauw zou ik Joke verwelkomen in Hongqiao om samen naar Lai Man te gaan in Hong Kong! Maar meer daarover in een volgende post.

Hainan – het Hawaii van China

Hawaii

Hawaii

Het is weer zover, tijd voor een nieuwe update. De laatste keer liet ik jullie achter in spanning voor mijn reis naar Sanya 三亚 in Hainan 海南 – het Hawaii van China. Deze keer krijgen jullie daar een best wel uitgebreid verslag van, met vooral veel fotootjes!

Onze reis begon dus op 16 januari, wanneer we naar Shanghai reden om de dag erna te vertrekken naar Hainan. We, dat is Gabriel uit Bolivia en Joke en ik uit België.

Shanghai

Shanghai

De vlucht verliep echt heel goed en nadat we de taxichauffeur geholpen hadden het hostel te vinden – meneer was zelf niet van ginder – kwamen we aan in ons Blue Sky Hostel. De naam alleen al deed ons dromen van mooie dagen. In de namiddag besloten we om het strand uit te checken en erna een wandeling te maken naar een standbeeld op de top van een berg. We hebben valsgespeeld en enkele kleine maar goedkope busjes genomen om er te geraken. Veel buitenlanders kwamen we er niet tegen, behalve Russen. Het was dan ook eens een verandering om in het Russisch aangesproken te worden in plaats van gebroken Engels. Helaas is mijn Russisch niet veel beter dan mezelf voorstellen…

Supercoole foto met kleurtjes

Supercoole foto met kleurtjes

Op dag twee gingen we naar Monkey Island. We waren een beetje ongerust om er te geraken, want in het hotel hadden ze gezegd dat we twee bussen moesten pakken en daarna op een motor verder moesten gaan. De motor bleek na enkele uren vervangen te zijn door een kabelbaan, wat ons meer aansprak. Monkey Island is dus een (schier)eiland met wel wat aapjes die daar vrij mogen rondlopen of kunstjes moeten doen voor het publiek. Met toch wel gemengde gevoelens (de aapjes kennen de dreiging vna de zweep) denk ik terug aan het Apencircus met apen die konden fietsen, de pony met de handstaande aap erop en de geit die als deus-ex-machina tevoorschijn kwam en met een aap op haar hoofd moest koorddansen.  Het Apentheater was eigenlijk helemaal niet ontroerend of grappig – de Chinese bezoekers leken er anderzijds wel hard mee te kunnen lachen…

Vlooiende apen

Vlooiende apen

De dag erna wilden we oorspronkelijk naar de attractie van hieronder gaan, maar de buslijnen er naa rtoe bleken nogal vol te zitten en dus besloten we om de dag erna pas te gaan. De namiddag zijn we dan maar naar Tianya 天涯 gegaan. Tianya kan je vertalen als “het Einde van de Wereld” en bleek vooral een plek voor koppeltjes. Toch hebben we hier wel wat toffe dingen kunnen gadeslaan, zoals bekende rotsstenen op het strand die bekalligrafeerd waren door meesters uit oude tijden.

Kamehameha!

Kamehameha!

Dag drie: we gingen naar het regenwoud! Naast Brazilië (en wellicht andere landen in Zuid-Amerika) is er dus ook regenwoud in China en het was geweldig! Het regenwoud, genaamd Yanoda rainforest 亚诺达雨林, is één van de topattracties van Sanya. Het is echter niet gemakkelijk om daar te geraken, maar na een deal met een taxichauffeur uit een stadje wat verderop zijn we toch binnengeraakt, tegen studentenprijs (toch wel wat korting!). Ze hadden van het regenwoud een zeer mooi gebied gemaakt en op één of andere manier slaagden we er meermaals wonderwel in om de horden Chinezen af te schudden en moederziel alleen (met Joke ^^)  te dwalen door het regenwoud. Dit was voor mezelf misschien wel het leukste moment van deze reis. Grappige anekdote: voor de ingang hadden ze al aangekondigd dat de medewerkers van het park vaak ‘Yanoda’ zeiden terwijl ze hun vingers in V-formatie hielden. In concreta kwam dat dus neer op “Yanodaaaaaaaaaaaaaa!!!” roepen naar de buitenlanders, maar de Chinese toeristen negeren. Het was dan ook wel leuk om de plaatselijke groet te beantwoorden met mijn eigen “Yanodaaaaa!!” en de verbijstering op hun gezicht toen bleek dat wij Chinees konden spreken.

Tropisch regenwoud!

Tropisch regenwoud!

De laatste volledige dag hebben we gespendeerd aan Butterfly Valley 蝴蝶谷 “Vlindervallei” en Yalong Bay 亚龙湾. De Vlindervallei was een mooi park met (zoals de naam het zegt) heel veel vlinders. Je wandelt er, na een bezoek aan het vlindermuseum, in een soort kooi waar echt heeeeeel veel vlinders zitten. Helaas waren we er al vrij snel door en na een korte glimp op te vangen van een geluksgevende schildpad stonden we heel snel al terug buiten. Dan maar op zoek naar een andere attractie – de Yalong Baai, ook wel genoemd “de nummer 1 baai ter wereld (天下第一湾)”. Daar hadden ik veel jolijt, maar vooral Joke en Gabriel die zich bezigden met een heuse zeemeermin te maken van mij. Ik had veel bekijks van de Chinezen. Ander bonuspuntje van die baai: ik heb er gezwommen in de Zuid-Chinese Zee!

Zeemeermin Thomas

Zeemeermin Thomas

De dag erna was het alweer de laatste dag… Ik herinner me nog levendig hoe we een terraske deden op de dijk aan het strand en tot het ietwat trieste besef kwamen dat dit wellicht het rustigste jaar zal zijn van ons leven. De golven rolden op de achtergrond en ik nam een slok van mijn sprite, terwijl Joke en ik (onze ‘kleine’, Gabriel, was op het strand gaan spelen) dezelfde mening waren toegedaan: dit laatste semester hier in China moeten we ten volle benutten.

De terugvlucht verliep vlot en nadat we nog snel de voorlaatste trein van Shanghai naar Suzhou konden nemen, plofte ik neer in mijn bed. Die nacht droomde ik van de palmbomen, het strand, de warme temperaturen en al het moois dat we hadden gezien in Hawaii Hainan.

Maar de koude bracht ook goede dingen, in een volgende update!

Springfoto

Springfoto

Examens en diploma’s

Het is alweer een bewogen maand geweest. Mijn vorige update eindigde met een korte uiteenzetting van hoe we hier Belgisch nieuwjaar gevierd hebben in China. En vanaf dat punt vertrekken we nu om het relaas van januari aan te vatten – wat een formele zin!

De dagen rond nieuwjaar kregen we gelukkig ook wat verlof (in tegenstelling tot de Chinezen, die vrolijk moesten blijven studeren). Een typisch Chinese compensatie voor die verlofdagen was dan wel dat we op zaterdag naar school moesten, zodat we zeker genoeg tijd hadden om de o zo moeilijke en belangrijke leerstof af te ronden. Zoals dat hoort aan de universiteit kregen Joke en ik vervolgens dan ook examens en net zoals we dat van sinologie gewoon waren in Leuven, was er voor ons ook dit keer geen blokweek, slechts een weekendje om alles te herhalen.

Nee, je moet dat niet overschatten, echt pure leerstof was er veel minder dan thuis en de examens bleken ook gemakkelijker. Het gevolg van die examenreeks was dan ook dat we nog geen week later onze uitslag al kenden en naar een heuse ‘diploma uitreiking’ mochten gaan! De puntjes bleken nogal goed mee te vallen en bevonden zich ergens in een puntenzone vanaf ongeveer 18/20. Ook hadden we een zeer goede klas – geen gebuisden! Wellicht te wijten aan de makkelijkheidsgraad van de examens.

Puntjes ^^

Puntjes ^^

Ook een typische eigenaardigheid van het Chinese onderwijssysteem bestaat erin om enkele ‘superstudenten’ aan te duiden, mensen die de leerkrachten dus zeer goede studenten vinden. Op de ceremonie vertelden ze ons dat die studenten geld kregen van faculteit zelf. We waren nogal verwonderd toen dat aangekondigd werd en ikzelf was nog meer verwonderd toen mijn naam ook op die lijst stond ik mijn 100 yuan vooraan kon gaan afhalen. Misschien kan de KU Leuven er iets uit leren om geld te geven aan studenten, al is het maar 10 euro (zowat de waarde van 100 yuan).

Ongeveer een maand ervoor had ik ook meegedaan in een opstelwedstrijd (zie onderaan deze post) in onze faculteit en had daar de tweede plaats behaald. Onze titularis, die instond voor de wedstrijd vertelde me nadien dat ze mijn opstel eigenlijk het tweede beste vond van de hoop, maar dat zij als mijn titularis er moeite mee had om mij mee een eerste plaats te geven. Bovendien vonden ze het een beter opstel dan dat van twee Poolse meisjes van een niveau hoger, maar die ze geen gezichtsverlies wilden laten lijden. Ik vond dat nogal een stomme reden, maar zelfs met een tweede plaats was ik al tevreden; te meer omdat ik een superexclusieve USB-stick van Suzhou University cadeau kreeg met een inhoud van 3,52 GB. Geen idee wie die rare hoeveelheid heeft uitgekozen, maar ik vind het alvast een mooi souvenir.

Zo, dat was het dan voor deze korte update. Hieronder kan je mijn opstel (in het Chinees) lezen. In de volgende aflevering komt mijn reis naar Hawaii Hainan aan bod! Maar eerst ga ik Chinees nieuwjaar vieren!

Opstel

Opstel

De periode van de jaarwisseling (Kerstmis! en Niewjaar!)

In de vorige post was ik zo blij dat we eindelijk kerstmis konden naderen en toen vergat ik toch wel niet over kerstmis (en al wat daarna kwam) te schrijven zeker! Daarom deze inhaalpost, een pleister op de wonde in het gat dat geschapen is in het ruimte-tijdscontinuüm van de tijdsvortex. Iemand heeft precies te veel naar Shenmi boshi 神秘博士 (Doctor Who voor iedereen thuis) gekeken…

Aldus, na ons culinair avontuur in Nanjing 南京, moet ik allereerst het kerstoptreden vermelden van onze faculteit voor buitenlandse studenten. Op 21 december moesten we de show van ons leven hier geven en we hadden al enkele weken op voorhand democratisch gestemd dat we het (door mij ingestuurde) liedje Suantian 酸甜 van Fahrenheit 飞轮海 – Taiwanese boysbandrock – en S.H.E - een soort Chinese K3 voor volwassenen (uit te spreken als ‘és eejtsj ie’, niet als het Engels voor ‘zij’) – met de hele klas gingen opvoeren. Omdat het liedje door mij was ingezonden, vond onze leerkracht Yang laoshi 杨老师 dat ik muziekleraar moest spelen voor de klas en een mooi geheel van het liedje moest maken, optredenswaardig. Dat is gelukt en het resultaat is een filmpje dat ik momenteel nog niet in bezit heb. Als compensatie is hier de clip!

Vervolgens moet ik ook even uitweiden over de voorstelling zelf. Vlak voor we naar Nanjing trokken, werd ik gevraagd om de voorstelling te presenteren en dat heb ik dus gedaan. Twee dagen op voorhand kreeg ik een tekst in mijn handen geduwd en tot een kwartier vóór de voorstelling bleven ze vanalles veranderen aan de volgorde van de artiesten, wat leidde tot heel wat frustratie bij mij en mijn collega Natalia uit Polen. Desondanks hebben we het er goed vanaf gebracht en heb ik achteraf gehoord dat we het echt heel goed hadden gedaan. Ik, die toen al blij was dat de wereld niet vergaan was omwille van de Maya’s, was toen dolblij. (Toegegeven, er was een klein momentje dat ik dacht dat het zover was – de wind blies enorm hard en ik dacht bij mezelf: “开始了。” (“Het is begonnen”); gelukkig niets van waar ;-) .

Presenteren!

Presenteren!

Eindelijk kunnen we het over kerstmis hebben, voor Joke zowat het heiligste feest dat ze kent… Ons verloop van onze buitenlandse kerstervaring: eerst Chinese fondue (huoguo 火锅), vervolgens booze en food (eigenlijk was er amper alcohol bij, nu ik er zo op terugkijk) inslaan in de supermarkt, daarna naar mijn kot waar we de nacht hebben gespendeerd door een film te kijken (Brave), TAART te eten, spelletjes te spelen – je raadt nooit wat met je handen draaien om dansen uit te beelden bij ons in Japan betekent (antwoord onderaan deze blogpost) – en skypen met de familie. Voor de vrienden uit Oezbekistan, Saida en vooral Shohrux ,bleek kerstmis een feest te zijn waar je zo lang moet opblijven, liefst nachtje door (bij mijn weten is dat nieuwjaar…). Joke, Katrin, Youmi en de Cambodjaanse Sautta bleven dus maar zo lang mogelijk op, hoewel ikzelf rond twee uur wou gaan slapen omdat ik nogal verkouden geworden was. Ik herinner me nog wel dat Lord of the Rings 3 werd opgezet en toen ik wakker werd rond zes uur – omdat Joke, Sautta en Saida het niet meer uit konden houden en terug naar hun kamer wilden – was die nog steeds bezig. Ik heb kerst(voormid)dag gespendeerd met mijn kot opruimen en na het vertrek van Shohrux, samen met Katrin en een in haar schoot slapende Youmi de film opnieuw te zien. Ik heb hier een goede kerst gehad.

Kerstmis!

Kerstmis!

Zoals iedereen wel weet, was het een week later nieuwjaar. Ook daar hadden we een leuke oplossing voor: na een etentje met zowat dezelfde personen, hebben we overnacht in een hostel op een zeer feeërieke locatie, Shantangjie, een pittoresk Venentië-achtig straatje hier in Suzhou. Rond middernacht zagen we in de verte het vuurwerk knallen en dat maakte de nieuwjaarswisseling compleet. De dag erna waren we allemaal wrakken, te weinig geslapen enzo, je weet wel hoe dat gaat met feestbeesten zoals wij… ^^

Nieuwjaarsetentje

Nieuwjaarsetentje

Maar het einde van december was geen lui uitbollen naar 2013 – integendeel, er kwam veel sport aan te pas. Je vraagt je af of het om Taekwondo gaat? Wel, het had ermee te maken. Zoals iedereen die een radio/tv/internetaansluiting bezit wel weet, was hét liedje van 2012 Gangnam Style (江南style). Met de taekwondo heb ik de laatste weken van december elke week wel minstens twee keer een getaekwondoniseerde dansvoorstelling ervan moeten brengen. Filmpjes bestaan, maar op een geheime locatie hahahahaha! Op 28 december was de grote voorstelling en moest ik als blonde blauwogige buitenlander (als alliteratie en als epitheton ornans kan dat wel tellen) natuurlijk ook een speechje houden over hoe blij ik wel niet was hier in Suzhou en met Taekwondo. Propaganda volop! Daarbij aansluitend, op 23 december had ik ook nog mijn examen voor de gele gordel en ook daar ben ik voor geslaagd! Driewerf hoera! Volgend semester ga ik voor groen!

Taekwondo-examen

Taekwondo-examen

Zo, dat was de jaarwisseling in een notendop op een website. In de volgende post bespreken we het grootste deel van januari en dan ben ik tot aan dit moment gekomen!

ANTWOORD OP DE UITBEELDVRAAG: Met je handen draaien betekent niet dansen, maar wel: “De politie komt eraaan, ren weg zo snel je kan!”