Kung Fu Panda

Zoals aangekondigd helemaal onderaan in de vorige blogpost, zal ik het dit keer hebben over onze reis naar het Shaolinklooster enkele weken geleden! Wie Jokes versie van het verhaal wil lezen, kan hier terecht.

Wij voor Shaolin

Wij voor Shaolin

Eerst een korte geschiedenis van het Shaolinklooster en waarom de zin boven bovenstaande zin een uitroepteken verdient. Het is gesticht in de vijfde eeuw, maakt deel uit van het werelderfgoed van UNESCO en is gewoonweg de geboorteplaats van Kung Fu (gong fu 功夫). In het Chinees wordt het klooster ‘Shaolin Si’ 少林寺 genoemd. De shao staat voor een de berg Shaoshi (少室山), die samen met nog zes andere pieken de Song berg 嵩山 vormt (de middelste van de vijf bergen (wu yue 五岳)); de lin betekent ‘bos’ en si betekent ‘tempel’ of ‘klooster’. Wat vandaag nog te zien is qua klooster is eerder een reconstructie dan de echte originele tempels, aangezien het klooster in de geschiedenis meermaals verwoest werd.

Volgens de legende is ook het zenboeddhisme (chan 禅) ontstaan bij het Shaolinklooster met de eerste zenpatriarch, ‘Indiaan’ Bodhidharma 菩提达摩. Hij had een ontmoeting met keizer Wudi 武帝 van de Liang-dynastie 梁. Nadat Bodhidharma Wudi verlaten had, trok hij naar Shaolin, maar mocht het klooster niet betreden. Bodhidharma ging dan maar bokken in een nabijgelegen grot en staarde negen jaar lang naar een muur, zonder een woord te spreken. Omdat hij in slaap gevallen was, sneed hij zijn oogleden af, opdat het niet meer opnieuw zou gebeuren. Toen hij ouder werd, kwam de tijd dat hij zijn meesterschap moest doorgeven en één van zijn leerlingen benoemen als de nieuwe meester. Monnik Hui Ke 慧可 sneed zijn arm om te bewijzen dat hij wel wat waard was en zo werd Hui Ke de tweede patriarch. Voor de liefhebbers, de volgende zijn:n°3 Sengcan 僧璨,n°4  Daoxin 道信, n°5 Hongren 弘忍, n°6 is de splitsing in de Noordelijke school met Shenxiu 神秀 en de Zuidelijke School met Huineng 惠能, die zen onderwees zoals wij het nu nog ongeveer kennen vandaag de dag.

Die introductie om toch even te duiden naar wat voor plek we geweest zijn. En dan nu de kern van het verhaal. Op 1 november vertrokken we naar Zhengzhou 郑州 (omdat er geen rechtstreekse treinen zijn naar Shaolin) met de ‘snelle’ trein. In zo’n zes uur bereikten we Zhengzhou na een vrij comfortabele en propere rit, waarbij we ergens halverwege plots onze stoelen moesten omdraaien, omdat de trein in de andere richting zou vertrekken. Gelukkig hielpen de Chinezen ons, want wij konden enkel erbij staan en ernaar kijken. Eenmaal in Zhengzhou wilde geen enkel hotel blijkbaar buitenlanders accepteren, misschien omdat we een Japanner bijhadden… Uiteindelijk kwamen we terecht op het 26ste verdiep van een hotel, waar we eerst 300 yuan moesten betalen om iedereen te slapen te leggen, maar toen we door wilden gaan omdat het eigenlijk niet proper was, halveerde het hotelpersoneel de oorspronkelijke prijs en sliepen wij dus voor 4 euro per persoon daar. Ik heb er evenwel geen douche genomen want de doucekop was volledig verroest… Mijn Japanse klasgenoot Youmi – de anderen die mee waren, waren Joke, Katrin, Sautta en ik – bleek nog nooit van het concept ‘deodouche’ geopend, en zelfs nog nooit deo gebruikt te hebben, aangezien hij mijn axe lynx niet openkreeg. Ik heb dan maar even gedemonstreerd hoe het moest.

Vervolgens vertrokken we naar Dengfeng 登封, het dorpje nabij Shaolin, met een tegenover Japanners wel erg discriminerend busje, waar we toch wel een goed hostel vonden. In de namidddag vertrokken we naar het klooster en het was echt erg mooi. De leerlingen van de plaatselijke wushu 武术-school – wushu betekent letterlijk ‘krijgskunst’ en is eigenlijk wat wij kung fu noemen – begonnen net aan hun namiddagoefeningen toen wij aankwamen en we besloten om dat even gade te slaan. Daarna gingen we naar de tempel, die eigenlijk een beetje zoals alle andere tempels is, maar toch speciaal omwille van hierboven opgesomde redenen en natuurlijk de vechtende monniken, die zich verrassend rustig hebben gehouden. Ze zullen geweten hebben dat er met de delegatie van Suzhou niet te spotten valt… Vechtende panda’s zijn we er echter niet tegengekomen, ondanks de hoge verwachtingen. Daarna liepen we nog een beetje door naar het ‘Bos der Pagoden’ (ta lin 塔林), wat eigenlijk een mega(mooie) begraafplaats was voor boeddhistische monniken. Omdat de tijd wat begon te korten en omdat we achtervolgd werden door een ambetante man die ons – de westerlingen –  wilde doen betalen voor een ritje naar boven, zijn we de berg niet meer opgegaan, maar als ik er ooit nog terugkeer, ben ik dat wel van plan.

De volgende dag deden we nog één attractie in Dengfeng – er zijn er nog meer, dus misschien toch het terugkeren waard – namelijk de Songyang academie (Songyang shuyuan 嵩阳书院). Dat was één van de vier academies die nu nog over zijn die vooral voor het neo-confucianisme belangrijk zijn en waar Chinese beroemdheden als Sima Guang 司马光, de gebroeders Cheng Hao 程颢 en Cheng Yi 程颐 en nog andere hebben lesgegeven. Hieronder kan je prentjes zijn, ook van de boom waarin de Chinezen een afspiegeling van Guanyin, die Ayi aanbidt, zien. Ik heb daar ook een gedicht laten maken met mijn Chinese naam voor zo’n twee euro. De dichter kon het zomaar uit zijn duim zuigen op één minuut, maar het heeft wel een toffe betekenis en ik wil het dan ook niet achterhouden voor jullie. (Disclaimer: ik kan de karakters niet meer heel goed lezen want ze zijn nogal kalligrafisch geschreven, dus ik hoop dat ik een goede transcriptie en vertaling heb gemaakt.)

Mijn 'naamgedicht'

Mijn ‘naamgedicht’

兴我添彩,
行闯四海。
勇走天下,
龙腾创未来。

Bezig ik me met oprijzen, dan voeg ik kleur toe;
de paarden gaan, galopperen naar de vier zeeën.
Wijsheid en moed betreden het rijk;
De draak vliegt op en begint aan zijn toekomst.

Daarna was het tijd om terug te keren naar Zhengzhou om daar de volgende nacht om 4.30 de trage trein (van toch wel 11 uur) naar Suzhou  te nemen. Omdat we geen zin hadden om een ho(s)tel te boeken (geldverspilling?!), besloten we na enkele uren verveling in de KFC om ons te gaan amuseren in een karaokebar. De mensen van de KTV probeerden een ‘promotie’ te verpatsen, voor een vaste prijs mochten we zo lang blijven als we wilden. Wellicht dacht hij dat we na een uur of twee al weg zouden gaan en dat ze dus veel cash in hun pocket konden steken, maar helaas pindakaas, dan kende hij onze plannen nog niet. Na ons driedubbel ervan verzekerd te hebben dat we echt zo lang mochten blijven als we wilden, gingen we omstreeks halfnegen naar dat kamertje waar het allemaal gebeurt. Voor wie zich af zou vragen hoe lang ik een micro kan vasthouden en erin kan blijven zingen, wel het antwoord is langer dan zeven uur!!! En dat terwijl Joke, Youmi en Sautta het al lang hadden opgegeven hadden en vrolijk lagen te dromen van mijn hemelse gezang. Rond drie uur vonden Katriin – die ook flink opgebleven was – dat het wel eens tijd was om naar het station te vertrekken. Een halfuur later ongeveer kwamen we aan in het station, kwestie van goed op tijd te zijn. De Chinese NMBS vond het blijkbaar treffend om in de sporen van hun Belgische collega’s te treden en liet de trein pas na zes uur aankomen. Om even te elaboreren wat dat betekende voor ons: wij BEVROREN in een superkoud station midden in de nacht!– in de provincie Henan 河南省 is het echt al bijna winter, maar hier in Suzhou nog het begin van de herfst. Blij dat ik was om mijn bed die avond terug te zien!

De volgende post zal een uiteenzetting zijn van het tripje dat ik deze week ga maken, naar het zuidelijk gelegen Wuyi Shan in Fujian, waar het nu nog 20°C zou moeten zijn. Bereid je al maar voor op foto’s, maar eerst picturetime voor vandaag!

One thought on “Kung Fu Panda

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s